Artikel.nl




Alles over kinderarbeid

Als je een klusje doet in huis, bijvoorbeeld afwassen of de planten water geven, is dat nog geen kinderarbeid. Iedereen moet dit wel eens doen. Maar kinderarbeid is jou echt niet overkomen. Kinderarbeid is dat kinderen moeten werken, of toch niet?

Geschreven door Wolf Stokvis
Geschreven op: 27 sep 2020
Gepubliceerd op: 6 mei 2021
0
7
0
Afbeelding door Zeyn Afuang via Unsplash

Wat is kinderarbeid?

Als je een klusje doet in huis, bijvoorbeeld afwassen of de planten water geven, is dat nog geen kinderarbeid. Iedereen moet dit wel eens doen. Doe jij dan ook wel eens heitje voor karweitje? Je vraagt dan wat extra zakgeld als jij de auto wast.
Je hebt genoeg tijd om te spelen en uit te rusten, en die heb je ook wel nodig. Geld heb je nog niet nodig, je ouders zorgen voor het eten en vaak ook voor nieuwe kleren. Geld hebben kan wel handig zijn, voor een mooie racebaan of coole schoenen die iedereen heeft. Maar kinderarbeid is jou echt niet overkomen.
Kinderarbeid is dat kinderen moeten werken, of toch niet? Niet iedereen is het erover eens wat kinderarbeid nou precies is. In het woordenboek staat regelmatig betaald werken voor een baas als je een kind bent. Dat is vast waar, anders staat het niet in het woordenboek. Maar je hoeft geen geld te krijgen om kinderarbeid te doen. Er zijn bijvoorbeeld ook kinderen die hun ouders moeten helpen op het land, de hele dag door spitten en rooien (bijv. rijpe aardappels uit de grond trekken). Kinderarbeid is altijd heel zwaar werk dat vaak hetzelfde is. Ze werken meestal negen uur per dag en zeven dagen per week, nu in Nederland mogen hun ouders nog niet eens zoveel werken. Het is werk dat door volwassenen gedaan moet worden, het kan schadelijk zijn voor kinderen van binnen en van buiten.

Geschiedenis

In Nederland
Als je het woord kinderarbeid hoort denk je gelijk aan arme landen heel ver weg. Vroeger was dat anders, toen was er ook kinderarbeid in Nederland. Ouders hadden niet genoeg geld, en kinderen moesten werken om geld te verdienen. Of ze moesten hun ouders helpen op het land. Rond 1850 werd de stoommachine uitgevonden. Met zo’n apparaat kon je weer andere machines uit zichzelf laten bewegen. Er werden fabrieken gebouwd waar kinderen en hun ouders moesten werken om geld te verdienen. In die fabrieken ging het maken van spullen veel sneller dan met de hand maar het was soms ook gevaarlijk bij de machines. Soms moesten kinderen op hun knieën restjes stof rapen, maar als ze niet op tijd achteruit gingen werden ze vermoord door de machine die hen van voren meetrok. Soms moesten zelfs de jongste kinderen van een gezin gratis meehelpen omdat de baas van hun vader dreigde dat hij hem anders zou ontslaan. Andere kinderen waren heel goedkoop, veel goedkoper dan volwassenen.

In Nederland werkten er vooral veel kinderen in spinnerijen. Ze moesten de hele dag aan een wiel draaien, steeds dezelfde beweging, soms wel langer dan veertien uur op één dag. Ook in de fabrieken werkten kinderen aan één stuk door, al kregen ze er veel te weinig geld voor. Ze moesten zwaar werk doen, zoals de machines repareren. Omdat kinderen kleiner zijn dan volwassenen konden ze makkelijker in de machine kruipen om hem te repareren. Het was heel gevaarlijk werk en er gebeurden vaak ongelukken. De jongste kinderen uit de fabriek werden gebruikt als loopjongens, ze moesten de hele dag goed gemaakte spullen in dozen doen. In baksteenfabrieken liepen kinderen bijvoorbeeld de hele dag bakstenen te sjouwen. Soms kregen ze daarvoor bijna niks betaald, maar beter een beetje geld dan helemaal geen geld. Als deze kinderen naar school zouden gaan verloren ze geld in plaats van het te verdienen.

Alsof het allemaal nog niet erg genoeg was waren de meeste kinderen ook nog eens ernstig ziek omdat ze slecht te eten kregen en het in de fabriek vaak onhygiënisch was. Door het harde werk en het lawaai van de machines werden de kinderen moe en slap, ze konden niet meer spelen of lol maken. Het zijn van een kind zat er niet meer in. Ook moesten veel kinderen in kolenmijnen werken, veel mensen hadden een kolenkachel om het in huis warm te houden, centrale verwarming was er toen nog niet. Voor al die kolen in de kachel moesten er kinderen in de mijnen werken. Mijnen zijn gangen diep onder de grond, het is in die gangen vaak erg vochtig en er hangt een ongezonde lucht die ze de hele dag inademen. Als je daar ziek van wordt heb je last van stoflongen.

In 1860 werkten er in Nederland bijna een half miljoen kinderen tussen de zes en elf jaar. Dat is heel erg veel als je bedenkt dat er toen maar drie miljoen mensen woonden in heel Nederland. Als je die aantallen omrekent naar nu in 2012 zouden er op dit moment drie miljoen kinderen aan het werken zijn. Veel mensen waren tegen kinderarbeid, maar sommige mensen vonden het prima. Kinderen leerden zo ook nog eens een goed vak, ze leerden zo om zelfstandig dingen te doen en het hield ze van de straat, daar zouden ze toch alleen maar kattenkwaad uit gaan halen. Een deel van die mensen waren fabriekseigenaren, ze hoefden de kinderen maar weinig loon te geven, daarmee maak je veel winst. Ze zeiden dat als er geen kinderen waren ze de fabriek wel konden sluiten. Want volwassenen waren te groot om in kapotte machines te kruipen. Alle machines zouden voor reparatie uit elkaar worden gehaald. Hoeveel koste dat wel niet!!!!!!!

De kerk was ook niet tegen kinderarbeid en daarom gingen er maar heel weinig mensen tegenin. De mening van de kerk was toen de tijd heel belangrijk, veel belangrijker dan nu. Bijna iedereen geloofde in god en de kerk zat zondags overvol. Ze geloofden dat god het opvoeden van de kinderen aan de ouders had overgelaten. Als ouders het goed vonden mocht de kerk daar niets aan veranderen. Het leven was een geschenk van god, je moest tevreden zijn met wat je kreeg. De Nederlandse regering wilde zich er ook niet mee bemoeien. Eigenlijk was de regering wel blij met de goedkope arbeiders. Zo konden ze de spullen die door kinderen werden gemaakt heel goedkoop aan andere landen verkopen. Andere landen kochten het dan van Nederland omdat die de laagste prijs aanbood. Dikke winst voor ons dus.

Toch begonnen steeds meer mensen te begrijpen hoe slecht kinderarbeid was, en is. Werkende kinderen konden niet naar school om te leren lezen en schrijven. Ze konden niet buitenspelen waardoor ze eigenlijk geen kind konden zijn. Al dat zware werk was ook nog een heel slecht voor hun lichaam en gezondheid. Omdat er veel werk door kinderen werd gedaan kwamen steeds meer volwassenen zonder werk te zitten. Als niemand naar school ging was er ook niemand die het werk kon doen waarbij je een goede opleiding nodig had, en daar was er steeds meer vraag naar.
0
Geschreven door Wolf Stokvis
Geschreven op: 27 sep 2020
Gepubliceerd op: 6 mei 2021
0
7
0

Recente en relevant artikelen