Artikel.nl




De Ring van Steen: Hoofdstuk 4 (Deel 2)

Zoals alles een begin en een einde heeft, zo ook stopte het Koninklijk geslacht Steen met te bestaan. Je vermoedt het wellicht, dit einde is ook het begin van een nieuw en episch avontuur.

Geschreven door Rudi Lejaeghere
Gepubliceerd op: 9 sep 2021
0
1
0
Afbeelding door Siora Photography via Unsplash
……….
Theresa Ocain had niets kunnen uitrichten tegen het brute geweld van de Dulkas. Een van die monsters had haar gegrepen en haar over zijn schouders geworpen. Hoeveel zij ook sloeg en krabde, het wezen had veel te veel macht. Zij had nog geprobeerd een stevige stenen kruik op het hoofd van een van die Dulkas kapot te slaan. Maar die had haar een vuistslag gegeven zodanig dat ze een tijdje bewusteloos was.

Toen ze weer bijkwam, liepen ze door het bos. Ze waren met zijn vieren. Een van de Dulkas bloedde. Kemir had hem waarschijnlijk verwond. Het was zijn verdiende loon. Jammer dat het niet erger was, dacht ze grimmig.

De monsterlijke wezens zetten er een flinke pas in. Theresa probeerde te kijken waar ze naartoe werd gebracht. Maar in het donker waren haar ogen niet zo goed meer. Ze vreesde niet voor haar leven. Als men ze dood wou, zou dit al lang gebeurd zijn. Ze dacht ook niet dat ze zich wilden vergrijpen aan haar, gezien haar ouderdom, maar je wist maar nooit.

De Dulkas gromden in hun vreemd taaltje tegen elkaar. Blijkbaar moest het grappig geweest zijn, want de andere ontvoerders grinnikten alsof ze een goede grap hadden gehoord.

Ze kwamen bij een open plek in het bos aan, waar er een vijftal paarden waren vastgebonden. Theresa probeerde nogmaals te ontvluchten door haar belager te krabben, maar dat lukte niet. Ze bonden haar handen en voeten en wierpen haar schrijlings over de rug van een van de grote paarden. Nadat ze hun kamp hadden opgebroken had de hoofdman, een kerel die nog groter was dan de rest, het order om te vertrekken.

Zal ik Kemir ooit nog terug zien, dacht Theresa. De vertwijfeling sloeg toe. Zolang ze nog moed had gehad en dacht dat Kemir hen nog kon inhalen had ze nog een beetje hoop gehad. Nu dat ze verder gingen te paard, vermoedde ze dat Kemir minder kansen had om haar te redden.
Het Woud van Bandar was dicht begroeid en menige maal moesten ze afstijgen om de weg vrij te maken. De rivier de Zifra sneed het woud in twee delen door. Het was zeker nog een dagreis naar de rivier en dan moesten ze een plaats vinden om die te doorwaden en naar het andere deel van het woud te trekken. Daarna volgde de grens en Mandros, het land van de Dulkas. Eenmaal ze daar waren, was alle hoop op redding verloren.

……….

‘Hier heb je je vinger, Magiër. Nu is het aan je. Kan je de klus klaren?’ Karel Steen gaf hem het zwarte zakje met het nodige kleinood. Ze hadden weer afgesproken in Het Zwarte Paard en voor een kroes bier waren ze hun verdere plannen aan het bespreken.

Joeri Marten nam het zakje aan en wierp een nieuwsgierige blik in de inhoud ervan.
‘Ik zal mijn best doen. Mijn meester Magister Darius Felten moet de bezwering doen. Die is nogal ingewikkeld en ik zelf heb die kracht nog niet. Maar ik heb moeten liegen over de herkomst van de vinger. Ik heb hem verteld dat dit een opdracht was van een gewone burger. Een verloren ring van een niemand is een heel andere zaak dan de ring van een overleden Koning.’

Karel Steen was niet onder de indruk van de smoes van Joeri.
‘Mij gelijk, als je maar kan zeggen waar ik moet zoeken naar deze verdomde ring.’
‘Je mag nu niet denken dat hij de locatie tot op de voet zal kunnen weergeven. Magie is geen wetenschap, al leunt die er dikwijls heel dicht aan. De wetenschap leert ons over de natuurverschijnselen, oorzaak en gevolg. Magie is iets scheppen uit niets. In het beste geval, zal de bezweringsspreuk ons laten weten in welke streek we moeten zoeken met misschien enkele schemerige indicaties over het uitzicht van de plaats waar de ring nu is. Misschien is het aan te raden om een groep mensen klaar te houden die de omgeving van die plaats dan kunnen doorzoeken.’

‘Laat dat maar aan mij over, zorg nu maar dat ik zo rap mogelijk nieuws krijg over de ring. De vinger heb ik niet meer nodig. Wil hem na gebruik vernietigen.’ Karel Steen verliet de herberg en liet een verbouwereerde Joeri Marten achter.’

Joeri zat met een dilemma. Eigenlijk had hij niet te kiezen, maar dat maakte het er niet gemakkelijker op. Karel Steen wist dat hij met vervalste referenties lid geworden was van het verbond van de Magiërs en dat gebruikte hij als pressiemiddel. Hij kon natuurlijk de waarheid vertellen, maar dat zou het einde betekenen van een opleiding die hem macht zou verschaffen. Zolang Karel Steen leefde, zou hij macht over hem hebben. Maar misschien was die samenwerking nog niet zo slecht. Een koning, of liever gezegd een koning in wording onder zijn kennissenkring kon hij misschien gebruiken om een heel geliefde positie te bereiken. Magiër van het hof! Als hij de vinger niet zou vernietigen na gebruik voor de bezwering, zou hij dit als tegengewicht kunnen gebruiken tegenover de kennis die Karel Steen over hem had. Ja, dat zou hij doen!

© Rudi J.P. Lejaeghere

Links naar vorige delen:
0
Geschreven door Rudi Lejaeghere
Gepubliceerd op: 9 sep 2021
0
1
0

Recente en relevant artikelen