Artikel.nl




Editorial Approved Badge

Onrust over Donkerplas: Hoofdstuk 11

Wat als dieren konden spreken en gevoelens hadden, net zoals jij en ik? Dan is dit avontuur, een uit het dierenleven gegrepen verhaal.

Geschreven door Rudi Lejaeghere
Gepubliceerd op: 18 aug 2021
7
29
12
Afbeelding door Dalibor Perina via Unsplash
“Begrijp je wat je moet doen, Kraker?” Meester Boehoe had normaal gezien wel geduld genoeg, maar de toestand was kritiek. Ze moesten meer informatie hebben over Fnar. Waar hij zich schuilhield en hoe lang het nog zou duren vooraleer hij weer was opgewarmd en vuur kon spuwen. Kraker schudde even verstrooid met zijn pluimstaart. “Ik moet vriendjes worden met een gevleugeld monster. Geen probleem.” Zijn aandacht was al bij de eikeltjes die onderaan de stam lagen en die hij straks even zou kraken tussen zijn tanden. Hij was erom berucht dat hij de hardste eikels kon kraken, vandaar ook zijn naam. “Geen vriendjes, Kraker, dat monster eet je levend op of kan je verzengen met een zuchtje van zijn vuuradem.” Meester Boehoe zuchtte even. Hij begon te twijfelen aan zijn plan. Hij had zijn vliegende brigade kunnen sturen om van bovenaf te spieden naar de draak. Hij vermoede echter dat ze ondergronds was gegaan om op te warmen voor een nieuwe vernietigende duikvlucht boven Woudheuvel. Kraker kon in de kleinste openingen kijken en kruipen. Die leiden soms naar grotere ruimtes waar een draak misschien wat kon opladen. Een draak zorgde ervoor dat ze niet gestoord werd in haar slaap en de hoofdingang van haar nest zou goed verhuld zijn. Soms zelfs met magie als er niet genoeg takken en bladeren waren. Hij kon ook de slangen gestuurd hebben. Die zouden ook ondergronds geen moeite hebben om het monster op te sporen, maar de Draak zou heel wat sneller zijn dan de sluipende slang en Meester Boehoe wilde geen dieren opofferen. Kraker was zelf in zijn geestelijke toestand, de vlugste van Woudheuvel. Hij kon springen, kruipen, slingeren en vliegensvlug rennen als het nodig was. Het enige probleem met Kraker was dat hij geen gevaar zag of herkende. “Fnar is de vijand, Kraker. Je kan er geen vriendjes mee worden, je mag er geen vriendjes mee worden. Is dat begrepen?” Meester Boehoe schudde even zijn veren om zijn woorden nadruk bij te zetten. “Oké, Meester, ik begrijp het,” antwoordde Kraker bijna direct, wat de bejaarde uil nogmaals deed twijfelen aan de uitkomst van deze opdracht. Toch kon hij niet anders dan vertrouwen op deze mentaal minder sterke bewoner van Woudheuvel. “Gewoon een verkenningstocht. Vind de draak. Kijk hoever de gloei van zijn vuur in zijn buik is gevorderd en kom terug rapporteren bij mij. Niets meer… maar ook niets minder.” Kraker kreeg nog wat proviand toegestopt van Springer, een oudere eekhoorn en tevens priester. Daarop snelde Kraker zonder veel verdere plichtplegingen of afscheidsformules het dichte struikgewas van Woudheuvel binnen. “Ja, Meester Boehoe,” sprak de oudere priester, “ik denk dat we best maar Kra Kra de raaf in op de hoogte brengen.” Meester Boehoe fronste even, al zag je dat nooit door zijn grote ogen die altijd wijd opengesperd waren. “Hoe bedoel je, waarom moet Kra Kra weten dat Kraker weg is.” “Niet dat hij weg is naar het hol van de draak, neen dat niet,” legde de priester uit, “maar dat hij waarschijnlijk er niet levend uit zal geraken. Maar wees gerust, Meester Boehoe, Kra Kra zorgt wel voor een mooie begravingsceremonie!”

©Rudi J.P. Lejaeghere

09/08/21
7
Geschreven door Rudi Lejaeghere
Gepubliceerd op: 18 aug 2021
7
29
12

Comments

  • 20 aug
  • 1
Een gelukje bij een ongelukje dus ...
1
  • 20 aug
  • 1
Weer even bij gelezen !
1
  • 20 aug
  • 1
Leuk geschreven weer!
1
  • 20 aug
  • 1
Kra kra voor kraker, mooi gevonden
1
Laad meer

Recente en relevant artikelen