Artikel.nl




Editorial Approved Badge

Ten Huize Pistoni: Hoofdstuk 15

Huizen hebben een geschiedenis die geëtst is in hun stenen, die uitgeademd wordt uit hun voegen, die je enkel maar kan kennen en proeven als je binnenkomt.

Geschreven door Rudi Lejaeghere
Gepubliceerd op: 1 aug 2021
10
47
17
Afbeelding door Victor Chaidez via Unsplash

Water

Met Frank op de kop liepen we een heel eind de tweede hoofdweg op, vooraleer we ontdekten dat niemand ons volgde. Het was muisstil in de gang achter ons. Blijkbaar had Baël ons laten gaan of misschien lagen er nog meer schrikwekkende monsters op de loer voor ons. We wisten het helaas niet. Ik vroeg mij af of het wel slim geweest was om af te dalen in deze andere wereld, de wereld achter de rode deur. We hadden risico’s genomen die we gewoon niet goed hadden ingeschat. Zouden we onze wereld nog terugzien met onze ouders. Al was er daar heel wat minder tijd verstreken, op een bepaald moment zouden zij ongerust worden en ons komen zoeken. Hoe zouden zij reageren als ze gewoon geen spoor van ons zouden vinden. Alleen onze fietsen voor het huis van Pistoni getuigden dat we daar waren geweest. “Ik denk dat we voorlopig veilig zijn voor dat griezelig spinnending,” zei Christa. Gino zag nog wat witjes rond zijn neus, maar knikte bevestigend. We liepen nu stapvoets verder. De gang zag er hetzelfde uit met die aderachtige wanden die pulseerden. Er was één verschil en dat was de kleur van de aderen. Hoe verder we liepen hoe roder ze kleurden, alsof ze meer zuurstof kregen. We kwamen na een tijdje aan een open plaats die toegang gaf tot een vijver. Het licht reikte niet zo ver dat we de overkant van deze plas zagen, maar we konden moeilijk eromheen. De randen waren niet begaanbaar door de vele stalagmieten die uit de grond rezen. Wat nu? “Is dit wel gewoon water,” vroeg Christa met een bevende stem. “Ik bedoel, als we niet verder kunnen stappen, moeten we er misschien door waden of zelfs zwemmen.” Ze pauzeerde even en zei toen: “Dat is als we verder willen gaan?” Haar laatste zin klonk vragend en ze keek ons met een wat bang gezicht aan.

Ik vond zelf dat we door moesten gaan, we waren al zo ver gekomen. Het zou zonde zijn dat aan de andere kant van deze plas het antwoord lag. We zouden het ons altijd beklagen als we op dit moment waren omgekeerd. Mijn gedachten vlogen alle kanten uit. Als een van de beste zwemmers van mijn school, vond ik het maar normaal dat ik het voortouw zou nemen. “Luister, ik ga het op mijn eentje eens gaan verkennen. Als het veilig is, kom ik terug om jullie te halen, oké.” Ik keek naar hen en zag hen twijfelen. Ze vreesden achtergelaten te worden. Ik was de persoon met de magische duim om het zo maar te zeggen. Misschien reageerde de deur met de sleutel ook maar alleen met mij. We hadden het niet getest en konden nu moeilijk teruggaan om het even te verifiëren. Met tegenzin stemde iedereen in met mijn besluit. Ik trok wat kleren uit en stopte die in een plastiek zak die ik van Christa kreeg. Voorzienig zoals altijd, onze Christa. Ik voelde even aan het water. Het voelde gewoon al water, alhoewel ik plots mijn duim voelde kloppen toen ik het aanraakte. “Volgens mijn duim denk ik dat jullie best uit het water blijven,” verklaarde ik laconiek. Mijn vrienden keken verbaasd en deden gelijktijdig een stapje terug. Het is vreemd dat een mens die diep in de penarie zit toch nog zijn toevlucht kan nemen tot humor, dacht ik bij mezelf. Een kwestie van de spanning te breken. Zonder verder te talmen begon ik door het water te waden en een vijf meter verder was het reeds diep genoeg om te kunnen zwemmen. Na een tiental meter keek ik even achter mij en zag mijn vrienden naar mij turen. Ik draaide terug in de goeie richting en zette mijn zoektocht verder. Ik voelde dat het water zijn eigen wil had en mij naar rechts wou leiden. Het was mijn bedoeling recht vooruit te zwemmen maar de stroming had teveel kracht en trok mij op een bepaald moment mee. Dit was geen vijver of plas, dit was een soort rivier. Ten einde raad liet ik mij gewoon meedrijven met de stroom. Het daagde mij plots dat ik alleen was en dat mijn vrienden mij niet meer konden helpen. Als het water mij naar onbekende oorden voerde, zou ik mijn vrienden nooit meer terugzien. Ik hoorde een licht geruis dat snel aanzwol tot een gedruis. Vooraleer ik in het halfduister iets kon uitmaken wat voor mij lag, voelde ik dat het hier naar beneden helde. Ik besefte direct dat dit een waterval was. Gelukkig was hij niet te vergelijken met de Niagara watervallen, anders was ik er geweest. Misschien was hij een vijftal meter hoog en na een korte val en een diepe duik kwam ik weer boven water. Hier was de stroming heel wat minder en het was er niet zo duister. Ik zag een twintig meter verder dat er een natuurlijke oever was en ik zwom met krachtige slagen in die richting. Met een zucht van opluchting stond ik uiteindelijk op vaste land en keek rondom mij. Het was een kleine grot die op het einde een opening had waar een flakkerend licht van een soort vuur schaduwen op de wand tekende. Daar was iemand. De vraag alleen was wie en zou hij of zij mij wat vriendelijker dan Baël behandelen.

©Rudi J.P. Lejaeghere
24/07/21

10
Geschreven door Rudi Lejaeghere
Gepubliceerd op: 1 aug 2021
10
47
17

Comments

  • 16 aug
  • 1
Ik zou er niet al te gerust op zijn
1
  • 5 aug
  • 0
En weer spannend!!!!
  • 5 aug
0
  • 1 aug
  • 1
Je weet altijd wel af te ronden met een cliffhangertje...
1
  • 1 aug
  • 1
Als dat maar goed
1
  • 1 aug
  • 1
... Oei... Laat me niet in spanning!
1
Laad meer

Recente en relevant artikelen