Artikel.nl




Editorial Approved Badge

Ten Huize Pistoni: Hoofdstuk 20

Huizen hebben een geschiedenis die geëtst is in hun stenen, die uitgeademd wordt uit hun voegen, die je enkel maar kan kennen en proeven als je binnenkomt.

Geschreven door Rudi Lejaeghere
Gepubliceerd op: 5 aug 2021
8
74
13
Afbeelding door Victor Chaidez via Unsplash

Afscheid en verlossing

Christa had ondertussen Josy van haar touwen en knevels ontdaan. Het meisje keek bang in de richting van Pistoni die nog altijd in de hoek lag te kermen terwijl hij zijn arm vasthield. “Josy, wat bedoelde Baël, met dat Pistoni je niet levend aan hem had gegeven?” Het meisje wreef over haar armen waar ze gebonden was geweest. “Baël is een demon waar kinderen aan worden geofferd in ruil voor zijn diensten. Toen Pistoni wist dat ik zijn dochter niet was, ontstak hij in zo’n woede dat hij de duivel aanriep. Hij verkocht zijn ziel in ruil voor heel veel macht. Hij had ondertussen al enige wensen afgetroggeld van Baël vooraleer hij mij in een bui van woede vermoordde, net zoals de rest van zijn gezin. Baël was nog altijd gebonden door z’n wensen aan Pistoni, maar Pistoni had nooit z’n dochter levend geofferd aan de demon. Daarom is hij nooit machtiger geworden dan een kwaadaardige geest met een beetje magische gaven. Ik veronderstel dat Baël vandaag de rekening als vereffend beschouwde. Pistoni kreunde van in z’n hoek en siste als een gewonde slang. Het kruisje hield hem ter plaatse. Hij was nu zelf gevangen. Gevangen is zijn eigen geloof in het kwade en dus ook het goede. “Als ik het goed begrijp, “ vroeg ik aan Josy, “is hij gewoon een slachtoffer van zijn eigen wraakzucht. Hij wou de genoegdoening om jou zelf te doden en daardoor verloor hij zijn eigen grote plan uit het oog. Een grote en machtige demon worden.” Josy knikte. “Zo kan je het wel zeggen. Ik ben bedroefd dat mijn om de tuin geleide adoptiemoeder en haar kind het leven heeft genomen. Ze verdienden dit niet.” We vertelden op onze beurt aan Josy dat we haar echte moeder hadden gevonden. Dat het door haar kwam dat we met het reservehandje de spiegel hadden kunnen breken. Tranen van geluk glinsterden in de ogen van Josy. Christa streelde de haren van Josy. In haar ogen zag ik ook wat tranen blinken. “Hoe kunnen we je rust schenken, Josy?” vroeg Christa die duidelijk heel geëmotioneerd was. “Ik heb hier ergens het muziekdoosje,” ze stond recht en zocht even en kwam dan terug met het ding in haar handen. “Als je mij het handje geeft, kan ik het weer maken en dat zal mij weer terug brengen naar de persoon die mij dit heeft geschonken.” “Liefdevolle voorwerpen…,” fluisterde ik juist hoorbaar
“Vinden altijd hun gulle gever terug, dat is inderdaad zo Thomas,” vervolledigde Josy. Dat weet iedere geest, maar ik denk dat jij dat nu ook wel weet. Ik knikte en keek even naar het kruisje dat gloeide in de arm van een kermende Pistoni. “En… uh, Pistoni hier, wat gebeurt er met hem. Laten we hem hier liggen of moeten we iets anders doen?” Josy keek even met evenveel haat en zonder een greintje vergeving naar haar kwelgeest. “Een man als Pistoni moet branden in de hel. Hij is gebonden aan dit huis, maar als je het laat afbranden, zal zijn geest naar zijn uiteindelijke bestemming van eeuwige verdoemenis verhuizen. Zijn verdiende loon.” Ik knikte en keek naar Frank. We wisten wat we moesten doen. Ik gaf het handje aan Josy en toen ze het stak op de arm van de ballerina hoorden we weer de melodie die ik toentertijd ook op de zolder had gehoord. Een blauwe schijn omhulde Josy en ik hoorde plots heel duidelijk de stem van de blauwe vrouw vooraleer Josy verdween. “Dank u, dank u allemaal.” We keken niet om toen ik een venster had gesneden in de lucht en we naar onze zolder aan onze kant, in onze wereld gingen. Ik plakte de spleet goed toe met mijn duim en wijsvinger en we lieten Pistoni achter waar hij gevallen was en nog altijd aan het kermen was. Ik maakte mij geen zorgen om mijn kruisje. Ik had zo’n vermoeden dat ik dat wel terug zou krijgen op een dag. Beneden in de leefruimte waar al de kranten lagen, hadden we genoeg aan een stapel kranten die we verspreiden in de benedenverdieping. Frank nam een boekje lucifers uit zijn broekzak. Hij had het altijd op zak, niettegenstaande zijn ouders het hem hadden verboden. Hij zei dat het misschien ooit te pas zou komen en hij kreeg vandaag gelijk. “Aan jou de eer, Thomas, de uitdaging is uiteindelijk dan toch door jou gewonnen,” verklaarde hij plechtig. Ik wist niet of ik iets gewonnen had. Ik was blij dat het achter de rug was. Om het heel zeker te zijn nam ik het boekje lucifers van Frank over, streek er een aantal aan en wierp hen op de kurkdroge kranten. Het vuur verspreidde zich door het huis terwijl wij onze fietsen namen en in de schemering naar huis reden. Nog juist of misschien net niet op tijd voor het avondeten. “Eind goed, al goed,” zei Christa, “ik ben blij dat Josy weer verenigd is met haar echter moeder.” “Ik ook,” zei Gino, “en ik ben ook heel tevreden dat ik niet meer in dat huis van Pistoni moet rondlopen. Je zou er nachtmerries van krijgen.” “Zeg eens, Thomas,” zei Frank plots na een moment stilte, “heb je het niet gehoord van die verlaten steengroeve aan de rand van Oostkant?” “Verlaten steengroeve, uh,… neen, wat is er mee?” Frank lachte zijn lachje. “Het schijnt dat het er spookt en ’s avonds ziet men lichtjes in de toegang tot de steengroeve. Willen we morgen eens gaan kijken?” “Nééééééén,” klonk het bij iedereen uit volle mond.


EINDE

©Rudi J.P. Lejaeghere

8
Geschreven door Rudi Lejaeghere
Gepubliceerd op: 5 aug 2021
8
74
13

Comments

  • 16 aug
  • 1
En als ik nu eens keihard jaaaaa gil? Zou het helpen? Grinn. Graag gelezen
1
  • 6 aug
  • 1
Goed geschreven!
1
  • 6 aug
  • 1
Schitterend verhaal ik heb ervan genoten. Van mij mogen ze naar de steengroeve gaan!
1
  • 6 aug
  • 1
Weer bijgelezen.
1
  • 6 aug
  • 0
Ik kan me voorstellen dat ze niet op nog zo'n uitdaging zitten te wachten :-)
  • 6 aug
0
Laad meer

Recente en relevant artikelen