Artikel.nl




Wanneer is een wet, een wet

Wetten, de regels waar wij ons allemaal moeten houden. Elke samenleving heeft manieren om wetten te maken. Dit artikel zet het proces uiteen hoe dit in Nederland precies gaat.

Geschreven door Maarten Schroders
Geschreven op: 10 juli 2020
Gepubliceerd op: 6 mei 2021
1
8
0
Afbeelding door Tingey Injury Law Firm via Unsplash
Wetten, de regels waar wij ons allemaal moeten houden.Elke samenleving heeft manieren om wetten te maken, meestal is dit een proces van meerdere stappen waarbij verschillende groepen mensen meekijken om zeker te zijn dat de wet inderdaad ingevoerd moet en mag worden. Dit artikel zet het proces uiteen hoe dit in Nederland precies gaat.

Nederland kent een variatie van de scheiding der machten, ook wel bekend als '"Trias Politica". Dit betekent dat degenen die de wet maken, de wetgevende macht, onafhankelijk bestaan van degenen die de wet uitvoeren, zoals politie maar ook belastingambtenaren en de ministers, en degenen die de wet controleren, oftewel degenen die bepalen of een wet is gebroken, de rechters dus.

Wetgevende macht verdeeld

De wetgevende macht is in Nederland verdeeld over verschillende overlappende entiteiten. Als eerste is er de Koning. In theorie is het nodig dat de koning elke wet ondertekent om rechtsgeldig te zijn, de koning zou dus in principe een veto kunnen uitvoeren door te weigeren een wet te ondertekenen. In de praktijk komt dit niet voor en is het ondertekenen slechts een formaliteit.

Daarnaast is er de "staten generaal". Dit zijn de beroemde Eerste en Tweede Kamer. De leden van de Tweede Kamer worden direct verkozen, zij het per partij en niet per individueel lid. De leden van de Eerste Kamer worden gekozen door de Provinciale staten. Leden van de provinciale staten worden (op zogenaamde "geborgen zetels" na) gekozen door de bewoners van een provincie. Omdat het dagelijks werk van de provinciale staten relatief onzichtbaar is voor mensen worden provinciale verkiezingen vaak gezien en gepresenteerd als Eerste Kamer verkiezingen. In de praktijk verloopt deze verkiezing ook via partijlijnen.

En dan hebben we nog de regering. De regering bestaat uit de ministers en de Koning. De ministers zijn in de regel géén Tweede Kamerleden. Dit mag van de grondwet over het algemeen ook niet, met bepaalde uitzonderingen. De regering word gevormd na de Tweede Kamerverkiezing door politieke partijen, meestal word dit gedaan om genoeg partijen bij elkaar te hebben die in de Eerste én de Tweede Kamer een meerderheid hebben. Uitzonderingen zijn bijvoorbeeld de minderheidskabinetten Balkenende III en Rutte I, waarbij de regeringspartijen voor wetsvoorstellen in de Tweede Kamer oppositiepartijen moesten overhalen mee te stemmen. Dit is een risicovolle positie, omdat elke minister en het kabinet als geheel het vertrouwen moet hebben van een meerderheid van de Tweede Kamer. Als een meerderheid van de Tweede Kamer zegt dat vertrouwen niet (meer) te hebben via een motie van wantrouwen moet de minister of het kabinet aftreden.

Verloop van een wet

Alles leuk en aardig, maar hoe zit het nou met die wetten?
Het recht van initiatief ligt in Nederland bij de regering en bij de Tweede Kamer, en in theorie ook bij de Koning, zij mogen als eerste iets zogezegd op tafel leggen.
Wanneer de regering een wet voorstelt, is het een regeringsvoorstel. In dat geval is er overleg geweest met alle ministers en de Raad van State. Wanneer een Tweede Kamerlid een wet voorstelt, is het een initiatiefwet.

Beide organen hebben hulp bij het exact formuleren van een wet, maar eenmaal ingediend word er in de Tweede Kamer over gedebatteerd, en kunnen partijen er ook voor stemmen moties in te dienen om iets aan de wet toe te voegen. Dit gebeurt in het plenaire debat.

In theorie kan elk Kamerlid individueel besluiten hoe diegene wilt stemmen, in de praktijk worden stemmen meestal geteld per fractie. De uitzondering is wanneer er word verzocht om een hoofdelijke stemming.

Wanneer er in de Tweede Kamer een meerderheid is, gaat het voorstel naar de Eerste Kamer. In de Eerste Kamer zitten voor het grootste deel leden van dezelfde politieke partijen als in de Tweede Kamer. Er word dan ook vaak naar partijlijn gestemd, maar dit is niet een regel en ook niet altijd het geval. In theorie mag elk lid van de Eerste en de Tweede Kamer zonder ruggespraak stemmen. Dit betekent dat bijvoorbeeld een politieke partij een Kamerlid niet mag dwingen op een bepaalde manier te stemmen. In de praktijk komt het niet veel voor dat leden tegen de partijlijn stemmen. De Eerste Kamer kan formeel de wet niet meer wijzigen, maar alleen goedkeuren of afkeuren. In de praktijk kan de Eerste Kamer een wetsvoorstel terugsturen naar de Tweede Kamer met de boodschap dat er iets aan verandert moet worden. Bijvoorbeeld, omdat er een aspect van de wet zoals geformuleerd niet goed uit te voeren is of mogelijk in strijd is met de grondwet. De Tweede Kamer kan dan besluiten de wet aan te passen en nog een keer te sturen. Wanneer uiteindelijk ook de Eerste Kamer het eens is met de wet, word deze ondertekend door de minister bij wie de uitvoer van de wet hoort en de Koning, en vervolgens word de wet gepubliceerd in het staatsblad.

Uitvoer

Uiteindelijk is de wet zoals geformuleerd in het staatsblad wettelijk bindend. De ministers en ambtenaren hebben vervolgens de plicht om de wet uit te voeren, ongeacht of ze het er zelf mee eens zijn of niet. Als iemand denkt dat een wet is gebroken, dan word er door een rechter uiteindelijk gekeken of dit het geval is en wat de gevolgen zijn. Welke rechter er kijkt, hangt van veel factoren af. Het is meestal de overheid die, via een openbaar aanklager een zaak naar een rechter brengt. Maar overheidsorganen en de overheid zelf kunnen net zo goed aangeklaagd worden. Zo is in 2020 bekend gemaakt dat de belastingdienst, een uitvoerend orgaan van de overheid onder het ministerie van Financiën door datzelfde ministerie aangeklaagd vanwege de brede Toeslagenaffaire. Dit betekend in feite dat de minister aan de rechter vraagt te bepalen of er wetten zijn gebroken, en zo ja precies door wie en in welke mate.

Conclusie

Wetten worden namens Nederlandse burgers geschreven en gelden voor iedereen in Nederland, mens en rechtspersoon. Wanneer je eenmaal weet waar je moet kijken kun je via de wetten een duidelijk beeld zien van wat voor een samenleving wij als collectief denken te wezen.
1
Geschreven door Maarten Schroders
Geschreven op: 10 juli 2020
Gepubliceerd op: 6 mei 2021
1
8
0

Recente en relevant artikelen