Artikel.nl




Editorial Approved Badge

Als gedachten: Verstrooid zijn

Je kan soms zo overtuigd zijn van je gelijk, dat je niet meer helder nadenkt. Het resultaat kan in sommige gevallen aardig tegenvallen.

Geschreven door Rudi Lejaeghere
Gepubliceerd op: 7 juli 2021
8
62
13
Afbeelding door Alejandro MAVVV via Unsplash
Ik moet bij deze toch wel even bekennen dat ik een klein beetje een verstrooide professor ben. Zonder dat professor gedeelte dan, want ik ben een schrijver van beroep. Mijn gedachten zijn altijd bij mijn verhalen en dan zie of hoor ik helemaal niets.

Mijn vrouw verwijt het mij dikwijls. Als ik met mijn blik op oneindig zit te kijken, weet ze weer hoe laat het is. Ze mag me dan vertellen of zeggen wat ze wil, ik hebt het niet gehoord. Kan soms handig zijn hoor vooral als ze vraagt of ik karweitjes wil doen. Meestal is het voor beiden niet leuk. Zij moet zaken ontelbare malen herhalen en ik weet nooit wat er gaande is rondom mij, omdat ik met mijn gedachten ergens anders ben. Toen ik laatst toch naar het warenhuis werd gestuurd om frisdrank en nog wat versnaperingen te halen, had ik gelukkig alles opgeschreven. Want zoals ik al zei, in schrijven was ik goed. Nu was het wel zo dat ik de winkel al twee straten voorbij was gereden omdat mijn gedachten weer waren afgedwaald. Maar gelukkig was dat met om te draaien gauw verholpen. Nadat ik mijn auto had geparkeerd op de parking die bij het warenhuis hoorde, spoedde ik mij de winkel binnen, gewapend met mijn boodschappenlijstje. Ik werd terstond terug gestuurd, omdat ik geen winkelkar bij de hand had, wat verplicht was. Heb ik je al verteld dat ik mij maar op één ding tegelijk kan concentreren? Wel dat was weer zo’n moment. Nadat ik het wiebelende piepende wagentje had verworven en ermee het warenhuis binnentrok, vond ik gauw de nodige schappen waar ik mijn lijstje kon afpunten. Bijna was ik nog zonder betalen langs de kassa vertrokken toen de kassierster mij terugfloot. Mijn gedachten waren even afgedwaald naar het laatste hoofdstuk dat ik moest schrijven voor mijn nieuwe boek: ‘Ten Huize Pistoni’. Ik denk dat ik schaamrood als permanente tint zal moeten dragen. Maar dat terzijde, rekende ik af en wou naar mijn auto gaan. Het probleem was nu dat ik niet meer wist waar ik mijn auto had geparkeerd. Ik keek rond, maar gezien het nogal een groot warenhuis is met een dito parking, zag ik niet direct mijn karretje staan. Ja, ik had het weer geflikt. Hoe zou ik dat oplossen? Vindingrijk zoals ik was, dacht ik direct hoe mijn hoofdpersoon in mijn boeken het zou oplossen. Eenvoudig toch! Gewoon met de afstandsbediening klikken en waar de lichten flikkerden, daar was mijn auto. Ik begon de parking over te wandelen en liet mijn afstandsbediening zijn werk doen. Ik had de auto die achter mij kwam niet in de gaten en bijna liep ik eronder, maar dankzij de rappe reflex van de chauffeur - want ik stond zo verstard als een konijn in een lichtval - kon het onheil vermeden worden. Op dat moment zag ik dat mijn auto antwoordde op de zoveelste klik dat ik op de afstandsbediening gaf. Vlug mijn boodschappen overgeladen in mijn auto, het karretjes terug gezet op z’n plaats en ik spoedde mij zo vlug mogelijk naar mijn auto, want ik had wat tijd verloren met al deze afleidingen. Zonder na te denken en vooral te kijken, reed ik achteruit draaiend uit mijn parkeerplaats en raakte met mijn rechter voorbumper de auto naast mij. Alles sloeg dus vandaag tegen, niet dat dit voor mij zo ongewoon was. Ik zuchtte en stapte uit toen ik een nogal norse man achter de aangereden auto zag staan. “Moest je toch gezien hebben? Hoe lang rijd jij eigenlijk al,” reageerde de man terwijl hij de schade opnam. “Sorry, mijnheer, het is mijn dag niet.” Ik keek even en het viel al bij al nog mee, een kleine kras, geen deuk in de aangereden auto. De mijne zag er iets meer gehavend uit, maar zo zag hij er meestal uit, ik zag gewoon het verschil niet. “Kijk, mijnheer, probeerde ik mij eruit te praten,” terwijl ik in mijn portefeuille graaide. “Laten we zeggen 150 euro, daarmee moet die kras toch weg te werken zijn?” De man krabde in zijn haar maar knikte toen en stak het geld weg. Het zou uit mijn eigen spaarpotje moeten komen, mijn vrouw zou het mij te lang door de neus boren. Ik was weeral met mijn gedachten op een andere plaats, toen ik een vrouw hoorde roepen. “Hela, mijnheer, niet wegrijden hé, ik heb het gezien hoor!” Ik trok verbaasd mijn wenkbrauwen op en bekeek de boze dame. “Ja, mevrouw, geen probleem hoor, ik heb zojuist de eigenaar voor de schade betaald. Het is geregeld.” “Geregeld, wat zeg je daar. Dat is mijn auto, noch aan toe. Je hebt met mij niets geregeld.” Ik keek rond mij, zuchtte nog maar eens! Die man met mijn 150 euro was dus nergens meer te bekennen.
8
Geschreven door Rudi Lejaeghere
Gepubliceerd op: 7 juli 2021
8
62
13

Comments

  • 18 aug
  • 0
Ah gosh. Wat sneu ... en dat had dan weer niets met verstrooidheid te maken!!
  • 18 aug
0
  • 10 juli
  • 1
Ik ben ook zo. Als ik met mijn nieuwe verhaal bezig ben, ben ik helemaal weg met mij gedachten :) Ik snap dus helemaal dat je vergeet gewoon waar jouw auto geparkeerd staat! 😁 Zoals altijd, ontzettend goed geschreven. Je bent zeker goed in schrijven.
1
  • 9 juli
  • 1
Oei, jij hebt wat uit te leggen thuis....
1
  • 8 juli
  • 1
Oh wat erg! Zoiets zou mij ook overkomen. Wat zeg ik, dit soort dingen overkomen mij elke week. Ik zeg altijd dat ik weer “wazig” ben.
1
  • 7 juli
  • 1
Ja, dat komt er nou van...
1
Laad meer

Recente en relevant artikelen