Artikel.nl




Editorial Approved Badge

De perfecte race

Na een zware training ging ik met een zucht zitten aan de eettafel. Mijn vriendin plofte ook neer en samen begonnen we onze volle borden naar binnen te werken. Zij stelde toen het volgende: “Zijn niet alle topsporters perfectionisten? Je bent immers pas topsporter als je continu gedreven wordt om beter, sneller of sterker te worden.”

Geschreven door Lize van Leeuwen
Geschreven op: 23 dec 2020
Gepubliceerd op: 6 mei 2021
0
18
0
Afbeelding door Daria Volkova via Unsplash
Na een zware training ging ik met een zucht zitten aan de eettafel. Mijn vriendin plofte ook neer en samen begonnen we onze volle borden naar binnen te werken. “Zware training gehad?” “Nogal, en jij?” “Ik ben kapot!” Na verder uit te wijden over wat voor uitputtende dingen we allemaal moesten doen ging ons gesprek over op meer persoonlijke thema’s waaronder perfectionisme. Zij stelde toen het volgende: “Zijn niet alle topsporters perfectionisten? Je bent immers pas topsporter als je continu gedreven wordt om beter, sneller of sterker te worden.” Toen stond ik met mijn mond vol tanden.

Perfectionisme
Hoewel ik wist dat het niet zo eenvoudig lag als zij het deed voorkomen, kon ik niet uitdrukken waarin het gedrag van perfectionisten verschilt met dat van topsporters. Ze had helemaal gelijk dat topsporters net als perfectionisten nooit helemaal tevreden zijn met hun prestaties. Er is altijd ruimte voor verbetering, zelfs als je Olympisch kampioen wordt. Toch kun je niet zomaar alle topsporters perfectionisten noemen. Leef een week met topsporters samen en je merkt al snel dat velen hun motivatie en zelfdiscipline alleen toepassen bij de trainingen. Schoolwerk wordt door menigeen verwaarloosd en lang niet iedereen is bewust bezig met voeding, slaap en verdovende middelen. Hun “perfectionisme” lijkt alleen te gelden voor de sport, maar kun je dat wel perfectionisme noemen?

Perfectibilité
Om dit beter uit te leggen wil ik filosoof en schrijver Jean-Jacques Rousseau erbij betrekken. Hij beschreef het verloop van de menselijke geschiedenis, waarin de mens steeds verder van de natuur verwijderd is geraakt, en dat wijt hij aan de perfectibilité van de mens. Dit begrip betekent letterlijk ‘vervolmaakbaarheid’ en hiermee bedoelt Rousseau het menselijk vermogen om altijd te kunnen en willen verbeteren. Het is volgens hem de eigenschap die mensen onderscheidt van andere dieren. Hierdoor zijn we landbouw gaan bedrijven en later ook handel, wetenschap, kunst enzovoorts. Rousseau ziet landbouwgemeenschappen als de ideale toestand van de mens waarin we als soort kunnen ontwikkelen en vredig samenleven. Maar door het ontstaan van eigendomsrecht en staten gaan we onszelf steeds meer vergelijken met andere mensen en kunnen we alleen nog geluk vinden in het overtreffen van anderen. Deze houding beschrijft hij met de term amour-propre, eigenliefde. De eigenliefde "tracht niet langer zich te bevredigen door ons eigen welzijn, maar alleen door andermans leed". Rousseau had liever dat we leefden zoals in de natuurlijke toestand met een houding van amour-de-soi (zelfliefde): “De wilde leeft in zichzelf; de maatschappelijke mens, altijd buiten zichzelf, weet alleen maar te leven in de mening van anderen, en alleen aan hun oordeel ontleent hij, om zo te zeggen, het gevoel van zijn eigen bestaan.” (Rousseau, 1753, p.123)

Het verhaal van Rousseau is niet lastig te vertalen naar de huidige maatschappij. Er mag dan wel veel veranderd zijn in tweeënhalve eeuw, maar die verandering is precies in lijn met de woorden van Rousseau. Op school liggen we onder druk om hoge cijfers te halen, zodat we een goede opleiding kunnen krijgen met garantie op een baan. We dragen merkkleding om te laten zien dat we geld hebben, bij de sportvereniging worden twaalfjarige kinderen geconfronteerd met scouts van profclubs en tal van mensen stoppen met kunst maken omdat ze zichzelf niet goed genoeg vinden. Dag in dag uit zijn we bezig om onszelf te verbeteren, met succes ten opzichte van anderen als enige doel. Hoe worden we anders zichtbaar in een wereld met bijna acht miljard mensen?

Vanuit dit perspectief is het heel logisch dat topsporters nooit echt tevreden zijn met hun prestaties. Net als de rest van de wereldbevolking willen ze het beste uit zichzelf halen. Het verschil is dat topsporters streven naar een Europese of Olympische titel terwijl andere mensen zich willen bewijzen door een boek te publiceren, popster te worden of een eigen bedrijf te starten. Mijn vriendin interpreteerde die verbeteringsdrang als perfectionisme, maar dat is het dus niet. Het is perfectibilité.

Verschil perfectibilité en perfectionisme
Toch is daarmee de vraag niet volledig beantwoord. Als we namelijk ‘topsporters’ kunnen vervangen voor ‘iedereen’, dan luidt de vraag nu: “Is niet iedereen een perfectionist?” Daarop is mijn antwoord: nee. Dat de hele wereldbevolking in bepaalde mate last heeft van onverzadigbare verlangens is waar; dat noemen we dus perfectibilité. Er is echter een verschil tussen perfectibilité en perfectionisme. Op de vraag wanneer het stellen van hoge standaarden perfectionisme wordt, zijn mensen afgestudeerd. Kort gezegd gaat het hierom: Als ‘normaal’ persoon stel je haalbare doelen en na het bereiken van een doel stel je een nieuw doel daarbovenop. Zo kom je stapsgewijs uit bij een heel hoog doel. Als perfectionist, daarentegen, leg je jezelf direct het ultieme doel op en verwacht je dit in één keer te kunnen bereiken. Omdat zo’n doel perfect is, zal de uitkomst nooit goed genoeg zijn, zelfs al staan andere mensen versteld over wat je hebt bereikt. Zelf zie je alleen wat je eigen fouten en op welke punten anderen jou hebben overtroffen. Hierin zien we heel duidelijk de amour-propre van Rousseau terug. “Alleen aan hun (andermans) oordeel ontleent hij (de perfectionist), om zo te zeggen, het gevoel van zijn eigen bestaan.” (Rousseau, 1753, p.123)

Conclusie
Dus nee, niet alle topsporters zijn perfectionisten. Hun verbeteringsdrang lijkt misschien op perfectionisme, maar is eigenlijk perfectibilité, en die eigenschap heeft ieder ander mens evengoed. Deze eigenschap ligt namelijk in de menselijke aard, alleen wordt ze bij iedereen op een ander vlak zichtbaar. Natuurlijk zijn er wel perfectionistische topsporters, maar die zitten heel anders in elkaar dan andere sporters. Een ‘normale’ topsporter verbetert zich namelijk stapsgewijs: eerst wil ze lid van teamNL worden voordat ze zich wil kwalificeren voor een EK en zet daarna pas haar zinnen op Olympisch goud. Een perfectionistische topsporter, daarentegen, wil het liefst meteen naar die Olympische plak toe werken en zal zichzelf opvreten als dat niet in één keer lukt. Wie uiteindelijk de beste prestatie zal leveren, laat ik in het midden, maar ik heb wel een vermoeden voor welke sporter Rousseau het hardst zou juichen...
0
Geschreven door Lize van Leeuwen
Geschreven op: 23 dec 2020
Gepubliceerd op: 6 mei 2021
0
18
0

Recente en relevant artikelen