Artikel.nl




Editorial Approved Badge

De vuisten van mijn vader

Een verhaal over een oorlog, en een man die wanhopig zijn kinderen probeert te redden.

Geschreven door Aarnout Van Der Ploeg
Gepubliceerd op: 25 juli 2021
4
30
4
Afbeelding door Valentin Salja via Unsplash
Er staat een vader met twee kleine kinderen in de kou te wachten op het eten wat er door de afgebrokkelde overheid beschikbaar was gesteld. In een stad die geen van hen echt bekend voorkwam. Zo ver van hun huis verdreven, het leek of het hele land op een maal stond the wachten. Het was dringen en drukken op het plein van het voormalige schoolgebouw dat in de oorlog tot buurtcentrum was omgebouwd. De man baant zich een weg door de hongerige menigte en vraagt of er een warme plek voor zijn jonge kinderen beschikbaar is maar niemand reageert. Hij zucht en leunt in de deuropening van het schoolgebouw. Op zoek naar een droge hoek waar zijn kinderen even kunnen schuilen. De geur van de gaarkeuken deep zijn zere maag samentrekken. Hij had al zolang niks te eten gehad, dat de honger hem niet meer aanstond. Iedereen die hij net iets wil vragen duikt aan de kant. Misschien hebben ze al genoeg in hun handen om nog voor een kind te zorgen. Hij voelt iemand aan zijn mouw trekken. Een man minder groot dan hijzelf, die dapper genoeg hem er op durft te wijzen dat er een rij is. Maar die ook nog een sjaal voor zijn zoontje overheeft. De vader loopt terug naar de achterkant van de rij.

Ze zijn bijna aan de beurt als er een alarm afgaat. Het alarm is oorverdovend en geeft de vader de kans om in de vluchtende menigte snel wat eten voor hem en zijn kinderen te stelen. Hij rent het gebouw in, zijn handen de oren van de kinderen zodat ze niet doof worden. In de aula, waar inmiddels niemand meer te vinden was, begint hij zoveel mogelijk eten in zijn tassen te stoppen. Het alarm is een signaal dat er in omliggende dorpen de vijand nadert. De man was niet perse bang voor de vijand maar wilde ook niet in dat zijn kinderen in een bezet gebied zouden leven. Dus met zijn dochtertje op zijn rug gebonden en zijn zoon bij de hand ontvlucht hij het gebouw aan de andere kant dan waar hij binnenkwam. Wetende dat hij het beste de drukte kon ontvluchten.

Het is een paar uur later en zijn dochtertje word langzaam wakker, “Papa waar zijn we?” Haar stem horen doet hem goed en hij glimlacht als hij haar verteld dat ze bijna thuis zijn. De glinstering in haar ogen doet zijn hart breken omdat hij weet dat een meisje als zij in bezet gebied geen leven kan hebben. Uit angst voor de mannen die haar iets aan zouden willen doen zoals ze bij haar moeder hadden gedaan. Een licht gerommel klinkt in de verte. De man weet welk geluid er klinkt. De vliegtuigen van de vijand naderen vanuit het oosten. Hij had gehoord van boten die vanaf de kust naar vrije landen vertrokken maar de man stopte zijn hoop niet in volksverhalen. In plaats daarvan was hij met zijn eigen plan bezig. Hij rende met zijn kinderen snel naar de verborgen schuilplaats die hij had gecreëerd. Een bunker die hij met zijn vader achter zijn ouderlijk huis had gebouwd. Die hij nu aan het vullen was en daarna zou hij het huis op de bunker laten in storten. Hij wist dat ze er dan niet meer uit zouden kunnen, maar belangrijker voor hem was dat er niemand in kon. Maar zover redde hij het niet. Tegengehouden bij een blokkade opgeworpen door de vijand. Met zijn dochter op zijn rug en zijn zoon in zijn armen sluit hij zich aan bij de rij. Ze waren al veel verder opgetrokken dan iedereen gedacht had. En zo viel zijn plan om thuis te komen mooi in duigen.
Hij vloekt zachtjes terwijl er om zijn ID gevraagd word. Hij kijkt om zich heen terwijl de soldaten zijn kinderen geïnteresseerd bekijken. “Are those your children?” De man kijkt de vijandelijke soldaat diep in zijn ogen aan. De soldaat doet een stap terug, wetende dat ondanks ze hem best aan zouden kunnen, dat hij er minimaal een van hen had meegenomen het graf in. Niemand wilde die ene zijn en ze laten hem door. Hij wil doorlopen totdat een iemand hem bij zijn arm grijpt. Zijn zoontje valt uit zijn handen, hard op de grond. Rook ontsnapt uit zijn koude longetjes als hij het op een huilen zet. Het kindje bloedt stevig. De soldaat biedt geschrokken steeds zijn excuses aan en is ontroostbaar terwijl de andere soldaten er geen boodschap aan hebben. Ze lachen de soldaat en het kind uit. Tot grote ergernis van de vader die het pistool uit het heupholster van de huilende soldaat grist en de andere twee zonder pardon doodschiet. Ze komen met een zachte plof neer op het koude asfalt. De huilende soldaat probeert nog zijn geweer te herladen maar de vader is hem te snel af. De jonge soldaat zakt in elkaar. De vader pakt zijn geweer en slingert hem over zijn vrije schouder. De mensen die ook tegengehouden werden door de blokkade helpen mee om hem af te breken voordat de vijand meer mensen kan sturen.

De vader vervolgt snel zijn reis, zijn bloedende zoontje in zijn warme jas gewikkeld zodat hij niet onderkoeld raakt. Hij vlucht het bos in en hoort achter zich schoten en geschreeuw. Een patrouille van de vijand was dichterbij dan gedacht en genadeloos na het afbreken van hun blokkades. Het duurt niet lang voor het geschreeuwd Het bos is koud en nat, de gevallen bladeren samen met de sneeuw verbergen enige essentie van een pad. Hij dwaalt door het bos in de kou totdat hij achter zich ook dingen hoort. De vijand zit hem op de hielen, de andere mensen hebben hem verraden. Takken breken achter hem af, hij hoort de vertrapte sneeuw knisperen onder de voeten van zijn achtervolgers. In paniek begint hij zich in te smeren met de koude modder, sneeuw en bladeren tot hij onherkenbaar is. Hij sluipt in een grote bocht weer terug om te kijken waar hij mee te maken heeft. Hij ziet vier, zwaarbewapende soldaten die flink hun best doen om niet opgemerkt te worden. Hij pakt het geweer en legt het op een vork in de takken. Hij sluit zijn ene oog en richt het vizier op de soldaten. Vier luide knallen later en als de rook van de loop vervaagd ziet hij het resultaat van zijn werk. Hij checkt of zijn kinderen nog in orde zijn. Zijn zoontje is snel aan het verslechteren maar zijn dochter is oké. Hij voelt als hij zich omdraait ineens een scherpe pijn. Een moment later hoort hij een hele harde knal. Een soldaat die zich verborgen had weten houden heeft hem verrast. Hij voelt een warme stroom bloed over zijn rug stromen. Zijn trui plakt tegen zijn huid.

De vader probeert nog naar het pistool dat hij tussen zijn rug en zijn broek had gestopt te grijpen maar het tweede schot gaat in zijn arm. Zijn kind valt in de koude sneeuw terwijl hij zijn dochter probeert los te maken. “Do you know who you were messing with?” Vraagt de soldaat aan de bloedende vader. “You killed many of my friends.” De vader kruipt langzaam naar achter, hij sleept zijn zoon met zich mee en houdt zijn dochter uit het zicht. “They were better men than you.” De vader weent zachtjes als ook het derde schot hem raakt. De in bloed-verdronken sneeuw begint te smelten even is de soldaat afgeleid als hij ergens in gaat staan. De vader aarzelt geen moment en schiet de wrede soldaat door zijn kop. De kogel jaagt door zijn oog en een wolkje roze mist spat op vanuit zijn achterhoofd. De vader tilt snel zijn dochter van zijn rug en geeft haar zijn zoon. “Je moet nu zonder papa verder lieverd. Zoek een plek om te schuilen en houd je stil, oké?” Het meisje is hard aan het huilen, “Ik snap het niet Papa, waarom kun je niet mee?'' Haar vader kijkt haar diep in de ogen aan en lacht “Wacht maar niet op papa, hij rust even uit en zal altijd vlakbij je zijn.” Het meisje kijkt hem aan met grote ogen. “Ga maar gauw kleine meid van me.” Ze rent weg en hij ziet haar in het bos verdwijnen. Hij sleept zich dieper de struiken in en legt zijn wapen in zijn schoot. Hij hoort een patrouille het bos uitkammen. De officieer schreeuwt zijn bevelen en de soldaten verdwijnen tussen de bomen. Hij stopt al zijn kracht in één laatste verzet. Hij krabbelt van de grond, zijn geweer gebruikt hij als kruk. Hij duikt op vanachter zijn struik en laat zijn wapen leeglopen zonder te kijken waar hij heen schiet. Met een bijna manische lach kijkt hij toe terwijl soldaten getroffen ter aarde storten. De adrenaline giert door zijn gebroken lichaam. Hij voelt het schot wat zijn schouder raakt niet, noch merkt hij de kogels die zijn buik betraden. Hij voelde alleen de dreun van de kogel die zijn nek openreet. Het wapen viel zonder nog een schot te lossen uit zijn handen en hij viel achterover. Hij keek omhoog, tussen de bladeren door, opzoek naar de hemel die hem ooit beloofd was. "Ik kom er aan lieverd." Zucht hij zachtjes voor hij zijn ogen sluit.

De kinderen scheurden hand in hand het bos door, maar elke keer dat ze achterom keken konden ze hun vader nergens vinden. De jongen was er slecht aan toe, zijn arm was gebroken en zijn benen waren tot bloedens toe geschramd. Door alle takken en stekelstruiken waar ze langs renden in de hoop om aan de kogel te ontkomen. Het was minuten geleden dat ze voor het laatst een schot hadden gehoord, maar toch bleven ze rennen. Zo diep het bos in dat niemand hun meer zouden kunnen vinden. Zo snel dat hun voeten al een stuk verder bleken dan hun brein. Toen ze opeens te veel momentum hadden opgebouwd om nog te kunnen stoppen. Ze vlogen allebei over de rand van een heuvel. De jongen probeerde zijn zusje nog naar zich toe te trekken tijdens hun val. Maar een pijnscheut in zijn arm deed hem loslaten. Hij viel hard met zijn schouder op de keien. Zij lande zachter in de rivier, maar het water was ijskoud. Hij strompelde overeind, zijn linkerkant hing helemaal naar beneden. Zij schreeuwde zijn naam, en dat ze niet kon zwemmen. Hij schoot het water in maar de stroming was te sterk en trok haar naar beneden. Hij zwom naar beneden maar de kou vrat aan zijn ogen die ongeacht niks in het zwarte gal konden zien. En toen de hand van het water zich naar zijn nek begaf wilde hij weer naar boven zwemmen. Maar zijn schouder en zijn arm konden hem niet helpen en de stroming had zijn voeten te pakken. Tot hij langzaam zijn oogleden voelde zakken en het doek voor hem ook viel.

Het meisje spoelde ergens verder aan, op een klein kiezelstrand. Waar een oude visser haar naar binnen tilde en haar voor de open haard had gelegd. Toen ze uren later wakker werd had hij haar gevoed en gekleed. En toen nog later soldaten bij hem aanklopten had hij gezworen dat hij zijn dochter was. Terwijl hij een pistool achter zijn rug verborg voor het geval ze het niet zouden geloven. Hij had haar gerust gesteld dat haar broertje vast haar vader had gevonden en dat ze samen haar zouden vinden. Maar naarmate de dagen voorbij kropen en de deur nooit openvloog bekroop hem een naar gevoel. Hij wist dondersgoed dat hij niet genoeg over had voor twee, en dat deze winter alleen nog maar erger zou worden. Maar in plaats van haar voor de wolven buiten te leggen besloot hij dan maar eropuit te trekken in de hoop nog ergens proviand te stelen. Maar toen ook hij niet meer terug leek te komen was het ook voor haar het einde. Aangezien er niemand was om haar te beschermen toen de soldaten terugkeerden met een arrestbevel. Zij werd in het midden van de nacht van bed gesleurd en werd nooit weer terug gezien.
4
Geschreven door Aarnout Van Der Ploeg
Gepubliceerd op: 25 juli 2021
4
30
4

Comments

  • 26 juli
  • 0
Sow, heftig en goed geschreven verhaal Aarnout
  • 26 juli
0
  • 26 juli
  • 0
Wat een heftig verhaal, Aarnout. Hier kan je niet zeggen, eind goed al goed. Goed geschreven.
  • 26 juli
0
  • 26 juli
  • 0
Wat heftig geschreven, Aarnout..
  • 26 juli
0
  • 26 juli
  • 0
Hartverscheurend verhaal, spannend ook!
  • 26 juli
0

Recente en relevant artikelen